Posts tonen met het label toekomst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label toekomst. Alle posts tonen

donderdag 23 april 2015

Geldloosheid



Stelling: In de nieuwe economie is geldloosheid een groter probleem dan werkloosheid.

Economie gaat over geldtransacties. Je krijgt geld voor je werk (altruïsme). En je vervult je persoonlijke behoeften (egoïsme) met geld. Economie zorgt dat ieder mens een eerlijk deel krijgt van wat onze aarde te bieden heeft. Achter wat eerlijk is in de wereld gaat een hele wereld van filosofieën, theorieën en geloven schuil. Omdat wereldwijd steeds meer mensen gaan deelnemen in de formele westerse wereldeconomie (ontwikkeling) komt er steeds meer arbeidskracht in de economie. De prijs van arbeid gaat daardoor omlaag. In de formele economie zijn mensen niet meer zelfvoorzienend en wonen ze vaker in steden dan op het platteland en in dorpen/stammen.

Het aantal grondstoffen en hulpstoffen blijft wereldwijd ongeveer gelijk. De aarde is een eindige grootheid. De productie op onze planeet bereikt dus ergens haar maximum. Tegelijkertijd zijn door automatisering, robotisering en domotica steeds minder betaalde arbeid in het systeem nodig zijn. In economische termen is dit efficiënter, omdat het kosten bespaart.

De hoeveelheid arbeid zal hierdoor wereldwijd niet afnemen. Alleen de hoeveelheid betaalde arbeid neemt af. Iedere mens moet sowieso iedere dag arbeid verrichten. Bewegen is immers arbeid, spreken is arbeid, denken is arbeid, zelfs voedselverbranding in het menselijk lichaam kost arbeid. Het probleem voor deelname aan de wereldeconomie wordt/is daarom geldloosheid in plaats van werkloosheid. Veel filosofieën, theorieën en geloven verzetten zich echter tegen dat idee. Wetenschap, filosofie en geloof zijn hardnekkig in hun vasthoudendheid.

Het probleem van mensen in de toekomst is niet meer het 'zonder werk zitten', maar het 'zonder geld zitten'. Dit komt omdat mensen het meeste werk wat ze doen vrijwillig doen, in kleine kring (mutualisme). Voor de westerse economie haar intrede deed, was ieder mens opgenomen in een kleine economische kring (stam/gezin), waarin de balans tussen egoïsme en altruïsme niet in geld wordt bijgehouden of geadministreerd. Deze kleine kringlopen zijn voor de economie onzichtbaar (en voor de belasting zwart;). Het hebben van geld zal in de toekomst anders geörganiseerd moeten worden en niet op basis van geleverd werk..

Door geldloosheid ontstaan in community's en landen grote sociale problemen, zoals honger, criminaliteit, zelfmoord, (welvaarts)ziekten, gebrek aan zingeving, verveling en isolement. Behoeften vervul je in de westerse economie door geld wat van consument naar producent gaat. De vragen van de toekomst zijn: Hoe komt het geld op een eerlijke manier bij de consumenten? Voor wie produceert de markt van aanbieders als er geen betalende consument meer is? Een oplossing zou kunnen zijn de prijs omlaag. Naar 0? 

In het huidige westerse denken gaat voor niets alleen de zon op. In de natuur is de zon als enige energiebron een volstrekt logische denkwijze. Alle energiebronnen en alle grondstoffen op aarde zijn te herleiden naar de zon en ons heelal. Alles op aarde is een gegeven. Olie heeft geen prijs, het winnen van olie kost werk en dat werk heeft een emotionele prijs. Goud heeft geen prijs in de natuur. Het is de mens die aan het goud een emotionele prijs toekent. Alles wat wij kopen en verkopen is emotie. De emotie van eerlijkheid en rechtvaardigheid.

Een overtuigend bewijs van dit idee is in de huidige economie goed zichtbaar aan het feit dat rijken (bovenmodaal) rijker worden en armen (ondermodaal) armer. Een grote groep armen nadert steeds meer de geldloosheid. Zij scharrelen iedere dag naar voedsel en iets om te doen. Dit roept bij iedereen emotie op. Van 'zo heurt het' tot 'dit kan toch niet'. 

Eeuwenlang heeft het rijke westen de problemen van de overige arme werelddelen genegeerd of als onoplosbaar terzijde geschoven. Nu nieuwe economieën in een razend tempo opkomen verandert dit snel. Dat gaat niet zonder geweld (golfoorlog, val van de muur, opkopen van grond in Afrika). De westerse landen proberen in internationale verbanden (VN, WHO, Unesco, Europa, NAVO) deze problemen aan te pakken. Dat gaat met wisselend succes. Onder druk van crisissen die elkaar steeds sneller opvolgen, wordt het belang van een nieuwe economie tegen de geldloosheid steeds hoger op de agenda gezet.   

Om geldloosheid te voorkomen, moet er een nieuwe economie komen, of moet de oude economie worden verbeterd. De economie op basis van arbeid voor geld en geld voor product/dienst loopt binnenkort af. De nieuwe economie zal uit meerdere en creatievere geldtransactiesystemen moeten bestaan. Gelukkig zijn al wat verbeteringen ingezet en wordt nagedacht over nieuwe banksystemen, nieuwe munten (bitcoin) en een basisinkomen.

Om de oude economie draaiende te houden wordt ook steeds meer belasting geheven voor 'publieke taken'. Het publieke systeem voorziet zo in surrogaat-arbeid en voorkomt daarmee de geldloosheid bij grote delen van de bevolking. Zo voorkomt een publiek gerund economiesysteem de neergang van het private economiesysteem. In de Sovjetunie en China is men rond de vorige eeuwwisseling begonnen met een publiek gerund economiesysteem (communisme) en zijn daar later private systemen (kapitalistische) aan toegevoegd.

Andere oplossingen zijn ook denkbaar. Bijvoorbeeld dat de rijken in vrijheid en vrijgevigheid al hun vergaarde geld op grote schaal aan goede doelen gaan weggeven. Filantropie. Voor die goede doelen kunnen instellingen worden opgericht, waarin mensen geld kunnen verdienen, dat ze weer uit kunnen geven in de markt.

Nog een andere mogelijkheid, maar risicovoller is loten uitdelen aan mensen, waarmee prijzen te winnen zijn. Daarmee wordt in ieder geval een klein aantal mensen tijdelijk gered van geldloosheid.

Als we niets doen zullen mensen met minder geld (tot twee keer modaal), zeer waarschijnlijk meer gaan sparen. Om zo geld over te houden voor later als zij geen geld meer kunnen verdienen met arbeid. Lukt dit niet dan zullen hun kinderen voor hen moeten zorgen. Pensioendiensten, verzekeringsdiensten, bankdiensten kunnen daar handig op inspelen. Sparen is wel direct weer een bedreiging voor de private economie, omdat hierdoor consumptie op korte termijn wordt verminderd.

De grote vraag van de toekomst blijft: Hoe stoppen we de geldloosheid? 

Of ... moeten we er juist in meegaan? De diereneconomie en de planteneconomie werken immers ook op basis van kortere verbindingen tussen egoïsme en altruïsme. Zou onze westerse economie ook zonder geld kunnen. Dat mensen als vanzelfsprekend voor elkaar zorgen, in je gezin, in je familie, in je straat, in je buurt en in je stad.

woensdag 15 oktober 2014

Vooruitgang? Kenniseconomie? Echt niet!

Nederlanders hebben meer en langer last van de crisis dan andere landen. Hoe kan dat? In onze historie kunnen we zien dat we de wereldzeeën hebben bevaren en dat we watersnoodrampen hebben overleefd. Wat drijft ons nu in de crisis? Waarom duurt het zo lang?

We kunnen wijzen naar de overheid die te weinig doet. We kunnen wijzen naar de banken die niet hebben opgelet en nu niets meer uitlenen. We kunnen wijzen naar de oorlogen, de terreur en de chaos in de wereld. We kunnen wijzen naar ontwikkelingslanden, lagelonenlanden en sterk opkomende economieën als China, India en Brazilië. Toch neem ik daar geen genoegen mee. De oorzaak buiten jezelf zoeken is veel te gemakkelijk.

Waarom stoppen we met ruilen in Nederland? Waarom hebben veel mensen in Nederland geen werk meer? Waarom bezuinigt de overheid op zorg, onderwijs en doet ze weinig aan nieuwe werkgelegenheid. Waarom zijn zij die eens te kaaperen voeren nu bezig met Zwarte Piet? Waarom verliezen we zelfs van IJsland, hoe kan dat?

Het ergste dat een samenleving kan overkomen is angst en ongeloof. Het was John F. Kennedy die een boek schreef onder de titel 'Profiles of courage' (1955) voor hij als president gekozen werd. Het boek gaat over 8 senatoren die hun hart volgden om te doen wat goed was. Ondanks kritiek vanuit alle hoeken van de samenleving en fikse tegenslag onderweg, zetten ze door. Ze forceerden stuk voor stuk doorbraken die Amerika weer een stap vooruit brachten. Het koste een duit en leverde veel werk en economie op.

Mensen vrezen de waarheid meer dan de leugen. Uit angst maken we vaak verkeerde keuzen. Je hart volgen en lef tonen is moeilijk. Populisten varen wel bij angst. Ze voeden angst. En angst verandert mensen in willoze gemakkelijk te manipuleren zombies of zielloze terroristen.

Om te weten hoe subtiel angst werkt, even een uitstapje naar marketing. Mensen zijn voorspelbaar irrationeel in hun aankopen. Neem bijvoorbeeld drie milkshakes small, medium en large. Small is 0,2 liter, medium is 0,4 liter en large is 0,6 liter. Small is small, medium is twee small en large is drie small.

De verkoper verkoopt graag large. Hij prijst dus € 1,00 euro, € 2,75 en € 3,00 euro. Let op dat 3 euro precies 3 keer 1 euro is. En dat drie small precies hetzelfde is als 1 large. Medium is relatief duur. Wat blijkt, uit angst dat je teveel betaalt, neem je large. Het verschil van een kwartje geeft de doorslag. Geen wonder dat Nederlanders te dik worden.

Angst is subtiel en over het algemeen een slechte raadgever. Er zijn sociologie en psychologieboeken volgeschreven over de werking van angst en hoe irrationeel mensen door angst worden. In crisistijd gaan mensen sparen en bezuinigen. De gedachte is dat geld schaars wordt. Wat is het effect van sparen en bezuinigen? Geld wordt schaars.

Onze angst versterkt de crisis. Dit is zo sterk dat als ik mijn werk kwijt raak door de crisis de self fulfilling prophecy nog eens wordt bevestigd. Ik moet sparen. Stel je voor dat ik mijn werk kwijt raak door de crisis.

Veel mensen doen goede dingen met spaargeld. Sparen voor de studie van de kinderen bijvoorbeeld. Heb ik ook gedaan. Sparen op zich is namelijk niet erg. Maar tegelijk sparen en bezuinigen op uitgaven wel.

Een pot pindakaas minder kopen is minder inkomen/winst voor de pindaboer, de pindakaasfabriekswerker, de supermarktmedewerker en de pomphouder waar je de auto tankt om naar de supermarkt te gaan, de garagehouder die de auto verkocht en het onderhoud doet en de politieagent die je een bon geeft bij de supermarkt. Minder uitgeven is minder ruilen. En minder ruilen is krimp van de economie.

Waarom is sparen niet erg? Wat je spaart leent de bank in een sterke economie weer uit aan een supermarkt, een pindaboer en een garagehouder, de pindakaasfabriek en een hypotheek voor de politieagent. In een goede economie hebben zij werk en betalen ze alles netjes met rente terug. Maar ja als je de pindakaas niet koopt gaat dat dus niet door.

Dus de bank wordt voorzichtig met je spaargeld uitlenen en die rente komt er ook niet. Je krijgt zelfs nog een rekening voor het bewaren van je spaargeld. En als er minder mensen werk hebben gaat de belasting ook omhoog.

Om de crisis te bestrijden heeft Nederland lef en samenwerking nodig. Leiders moeten ons inspireren en wij moeten ons helpen onze angst te overwinnen. Economie draait maar om één ding. Vertrouwen dat het goed komt.

Vertrouwen is weten dat als je hard werkt en goed bijdraagt dat anderen dat ook doen. Dat als je geld uitgeeft, je ook weer geld verdient. Dat economie een bak met geld is die heen en weer klotst. Dat er genoeg geld is voor iedereen. Dat je niet voor alles hoeft te sparen omdat we ook voor elkaar zorgen als het slecht met je gaat.

Wie de crisis heeft veroorzaakt, doet er niet meer toe. We moeten eten en om te eten moeten we werken. Het is dom om te bezuinigen, mensen te ontslaan en uit te sluiten. Dat vermindert onze kracht. Het is dom om te denken dat we terug moeten naar vroeger. Het is dom om te geloven dat er niets meer zal veranderen. Het is niet Nederlands om zo te denken.

Wij zijn aanpakkers en doordouwers. Als we geen werk hebben zoeken we werk en gaan we niet zitten wachten. Werk hebben is niet hetzelfde als euro's ontvangen. Ook mensen met een 'baan' of met 'euro's' moeten zich achter de oren krabben. Wat draag je bij?

Als mensen erdoorheen zitten helpen we ze opstaan. Als mensen niet meer kunnen verzorgen we ze. We zullen elkaar nooit meer wantrouwen. Want wij zijn Nederlanders.

Geld is niet belangrijk. Geld komt wel. Waar het nodig is wordt het gebracht door een weldoener, een investeerder, een consument, een belastingbetaler of de overheid. Euro's moeten rollen. Je kan een euro niet bewaren. We moeten ruilen om te leven.

Economie heeft niets met geld te maken en alles met liefde en vertrouwen. De liefde voor jezelf, je omgeving en je werk en het vertrouwen dat het altijd goed komt.
Kennedy zei het zo:
'Ask not what your country can do for you,
ask what you can do for your country'.