Veel bedrijven, overheden, mensen hikken aan tegen veranderen. We zijn snel ontevreden. En in de veranderingen die plaats vinden zien we niet de gewenste verbetering. Wie iets wil veranderen moet bereid zijn te geven en te nemen. Veranderen is iets verplaatsen in ons ecologisch evenwicht. De zon gaat niet harder schijnen, het gaat niet meer of minder regenen als de mens iets verandert. Maar je kunt regen opvangen en gebruiken als drinkwater en je kunt een zonnestraal omzetten in electriciteit of warmte of iets waarmee je jezelf kunt voeden. Mensen veranderen alles wat ze willen voor zover dat binnen hun vermogen ligt.
Waarom is het dan zo moeilijk om iets te veranderen aan onszelf of aan ons bedrijf of aan onze samenleving? Dat heeft denk ik te maken met hoe we anderen en onszelf beoordelen. Onze persoonlijke gedachten over goed en kwaad bepalen in hoge mate hoe we doen en wie we zijn. Psychologen zeggen dat bij wijze van spreken 90% van wie we zijn in ons onderbewustzijn zit. Daardoor is het moeilijk veranderbaar. Je kunt het niet zien, zelfs niet als je in de spiegel kijkt. Een klap die je op vierjarige leeftijd hebt gehad van je vader kan onderbewust nog steeds een betekenis voor je hebben. Er zijn mensen die dit onderbewustzijn onderzoeken en proberen te observeren via allerlei methoden. Hypnose, Tarotkaarten, astrologie, biechten en allerlei methoden uit de psychologie tot dierproeven toe. Een mens is een natuurlijk wezen. Voor een deel is ons gedrag geautomatiseerd of instinctief. Ons denken bepaalt bij wijze van spreken maar 10% van wie we zijn en wat we zijn. Of hoe we kijken naar ons eigen gedrag.
Als we iets in ons gedrag willen veranderen moeten we persoonlijke keuzen maken. Keuzen waar we lef voor nodig hebben. Keuzen die ons bang maken. Je moet van 90% 10% maken en van 10% 90%. Keuzen die we gek vinden of stout. Keuzen die dom lijken of zielig. Veranderen betekent risico nemen.Je moet de psychologie, sociologie, cultuur, economie als bijgeloof durven zien. Je haren in de wind gooien en ondanks alles jezelf uniek durven vinden.
Dat is niet makkelijk. Want als je iets verandert aan jezelf, zal er ook iets veranderen aan hoe mensen naar je kijken. Onze grootste angst is angst voor de angst. 'Nee hoor ik ben niet bang' zeggen we dan. Of 'Nee hoor ik schaam me nergens voor'. Leugentjes om bestwil. Om onszelf of anderen te beschermen. En ook daar zit weer een angst. Een (ver)bindingsangst. Met wie voel jij je verbonden en wie wil je als vriend behouden. Zo zal een politicus een leugen niet uit de weg gaan als hij daarmee zijn kiezer kan behouden. Veranderen is eerlijk zijn tegen jezelf en tegen anderen. Kritiek of een klacht niet ervaren als een aanval, maar als een tip of een advies, iets dat je kan gebruiken of naast je neer mag leggen.
Veranderen heeft heel veel te maken met vrijheid, gelijkheid en broederschap. Ieder is vrij om te veranderen als anderen daarvoor de ruimte/vrijheid geven. Broederschap betekent verbonden blijven ook als iemand moeite heeft om de waarheid te vertellen tegen zichzelf of tegen anderen. Het kost tijd om tot inzicht te komen. Wij besturen elkaar niet. Wij besturen alleen onszelf. We zijn ook geen computers waarvan je de software even wisselt. En hoewel een ander een slechte invloed op jou kan hebben, maakt hem of haar nog niet tot een computervirus die jouw harddisk even wist en je verandert in een willoze zombie of slaaf. Mensen maken zichzelf van alles wijs om maar niet te hoeven veranderen. Een oorzaak buiten jezelf zoeken is voor veel mensen de gemakkelijke oplossing. Pessimisme is achterover kunnen leunen.
Toch is verandering iets heel natuurlijks en gemakkelijks dat we aan de lopende band, iedere dag, ieder uur, ongemerkt en onderbewust doen. Ouder worden is veranderen, wijzer worden is veranderen, leren is veranderen, ontslagen worden is veranderen, TV kijken is veranderen, facebooken is veranderen, groeien is veranderen, krimpen is veranderen. Als je geen verandering ziet kijk je in een spiegel van ontevredenheid/pessimisme. Die ontevredenheid komt voort uit het niet willen accepteren van wat je ziet. Een verandering is iets anders dan een verbetering. Verandering is objectief. Aan verbetering hangt een waardeoordeel en is subjectief.
Wil je een positieve waardering kunnen geven aan een verandering dan moet je je gedrag richten, inrichten voor je iets van verandering kunt verrichten. Want dan kun je pas meten wat je ziet. Plan en uitvoering. Alignment. Je kunt ook rustig stellen dat iedereen die nooit een verandering ziet een dictator is die alles wil bepalen. Samen richting bepalen zonder een leider of een plan is moeilijk tot onmogelijk. Een plan maakt de lotsverbondenheid en bepaalt de rollen, taken en bevoegdheden die iedereen heeft daarbinnen. Lotsverbondenheid betekent een beperking en bedreigt onze vrijheid en onze gelijkheid.
Zonder structuur en zonder plan heeft en houdt ieder zijn eigen oordeel en ziet iedereen een andere verandering of geen verandering. Een plan kan de in de samenleving allerlei vormen aannemen, zoals van een wet, een geloof, een wetenschap, een bedrijfsplan, een veranderplan, een bucketlist, een boodschappenlijst of een verkiezingsprogramma. Zonder plan is er geen regel, geen broederschap of lotsverbondenheid. Dus tussen vrijheid en lotsverbondenheid en gelijkheid zit altijd spanning. Tijdens de verandering kunnen we naast de werkelijkheid ook nog het plan wijzigen, ons beeld van de werkelijkheid en ons beeld van onszelf. Die enorme vrijheid en het feit dat we daarin gelijk zijn of gelijkwaardig zijn, maakt veranderen moeilijk. Zelfs SMART kan daardoor STUPID worden.
De vraag of verandering mogelijk is is makkelijk te beantwoorden met ja. De verandering als een verbetering zien is afhankelijk van een gezamenlijk kader of een plan. Onszelf veranderen is het moeilijkste van alles, omdat iedereen daarin zijn eigen vrijheid en verantwoordelijkheid heeft en mag nemen. Is de samenleving dan nog maakbaar? Is je bedrijf nog bestuurbaar? Kan jij zelf nog iets leren?
Ik zeg drie keer ja Dat komt vooral omdat ik een optimist ben, ik zie altijd een glas dat halfvol is. Dat komt niet vanzelf. Als ik een half leeg glas zie besluit ik dat het half vol is. Het is een keuze. Gelukkig wordt je niet, gelukkig moet je willen zijn. Als je niet gelukkig bent, is verandering gedoemd te mislukken in je hoofd. Niemand zal ooit iets van je pogingen ervaren of zien. Pessimisme slaat alles dood.Een optimist kiest altijd de moeilijke weg. Pessimisme is gemakkelijker. Je geeft op voor je bent begonnen en als het is geëindigd zie je geen verbetering.
Wat ben jij en wat wil jij zijn? Een optimist of een pessimist? Denk jij dat je de wereld kunt verbeteren te beginnen met hoe je ertegenaan kijkt? Of laat je je liever lijdzaam leiden door je diepe onderbewustzijn, waarvoor anderen verantwoordelijk zijn. Change je 10 naar 90. Pak je verantwoordelijkheid en begin vandaag.
Iedere droom blijft een droom als je er niets mee doet. Dromen is niet zonder risico. Wie zijn dromen waar wil maken moet in actie komen. Een droom komt al dichterbij als je hem met anderen deelt. En even nadenken voor je iets doet helpt ook. Wordt het een nachtmerrie, vraag dan om hulp aan je familie, vrienden, kennissen en andere suikerooms en tantes;)
Posts tonen met het label banen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label banen. Alle posts tonen
dinsdag 15 september 2015
woensdag 13 mei 2015
De kunst van het afkijken
http://www.nrc.nl/opinie/2015/05/11/en-nu-verpest-dekker-de-correctie-op-eindexamens/
'Een goed onderwijssysteem is gebaseerd op voorzeggen en afkijken'. Deze kennis heb ik van een oud collega bij de inspectie geleerd, Een gerenommeerde en wijze onderwijsinspecteur met veel ervaring in ons Nederlandse onderwijs. Mensen zijn kuddedieren, onze ouders en docenten en de wetenschap zeggen ons alles voor en als we het even niet meer weten kijken we gewoon bij elkaar de kunst af. Zo leren kinderen/leerlingen/studenten alles wat ze als professional moeten weten in het leven. Toch hebben we er een grote hekel aan. Op het internet heet het wel 'copy paste' en de dader heet al snel een 'copy cat'. Wie een film download is een dief. Waarom? Omdat kennis macht is en omdat de productie van kennis in onze moderne samenleving geld kost. Mensen willen eenvoudig niet worden gepasseerd. We omgeven alles wat we weten met hekken en prikkeldraad, met auteursrecht en merkenrecht. We hebben een hekel aan de talenten die ons in de ratrace links en rechts voorbijgaan. We zouden er trots op moeten zijn. We zouden ze het succes moeten gunnen. Maar goed, de zeven hoofdzonden van de mens hoef ik hier echt niet meer uit te leggen.
Nu de examens weer zijn begonnen en de Citoscores net binnen zijn ontstaat weer de jaarlijkse discussie over het monopolie van de Citogroep op dit gebied. Of zoals hierboven over het nakijkwerk door de docent daarna. We toetsen nog steeds ouderwets op papier en de examens komen uit een zorgvuldig bewaarde envelop. Ondertussen bestaan er al jarenlang veel betere en geavanceerdere methoden om te toetsen, waar zelfs geen mens meer aan te pas hoeft te komen. Met een computer kun je alles interactief en adaptief meten en vaststellen, nauwkeuriger en minder beïnvloedbaar. Je hoeft het niet eens zelf na te kijken. De computer doet de voorwas. Leerlingen hoeven daarvoor niet eens dezelfde toets te doen. Opgaven die ze niet kunnen maken hoeven ook niet aangeboden te worden. Je kunt leerlingen eenvoudig alleen toetsen met de opgaven die ze gemakkelijk en goed kunnen doen. Je hebt geen te moeilijke of te makkelijke opgaven nodig voor een goede toets. Toen ik onderwijskunde studeerde in Twente (1985) was dat al wereldwijd bekend en in de 11 jaren dat ik bij de Inspectie van het Onderwijs werkte zijn er ook vele (interne) discussies over gevoerd.
Waarom de werkelijkheid dan nog steeds zo is, vraag je je wel eens af. Een belangrijke verklaring ligt in de werking van de Nederlandse politiek. Uiteindelijk hield de Tweede Kamer de meeste vernieuwingen aan de poort tegen en verving ze door bezuinigingen. De Mammoetwet, De Middenschool. De basisschool. De basisvorming. Het VMBO. De doorstroomprofielen. De KBL, de BBL en de BOL. De leerwegen. De vernieuwingen die elkaar in hoog tempo opvolgden. Het ging volgens de Tweede Kamer telkens te snel en dus niet goed. Bovendien was alles te duur voor de belastingbetaler. En dus was er genoeg reden om op de rem te gaan staan met uiteindelijk een paar stevige monopolies en mammoet-machtsblokken in het onderwijs tot gevolg. Want naast Cito zijn er nog een paar zoals bijvoorbeeld de SLO, de PO raad, de VO raad, de MBO raad, de HO raad en de VSNU en de landelijke organen van het Beroepsonderwijs. Zij maakten de keuzen die de politiek niet zelf durfde te maken. En zij kiezen hoofdzakelijk voor zelfbehoud en behoud en nog eens behoud.
Onderwijsvernieuwing, er is veel goeds bedacht en er is verdacht weinig geïmplementeerd. Uiteindelijk heeft de vrijheid van onderwijs er het meest onder geleden, die is door het uitblijven van politieke maatregelen en keuzen tot een minimum beperkt. Eigenlijk is er geen vrijheid meer. De inspectie kan de kwaliteitsverschillen tussen scholen dan ook bijna niet meer ontdekken. Alles is in het onderwijs is zwaar geïndustrialiseerd en daardoor geheel verouderd, het klassikale systeem voert nog steeds de boventoon, onderwijzers doen hun werk met oogkleppen op en sjokken braaf achter hun manager aan. Het bestuur klaagt over de directie, de directie over het management en het management over de docenten. Gelukkig klaagt er niemand over ouders en leerlingen. Het onderwijs is vergeven van de kwaliteitsnormen en kwaliteitssystemen. Leerlingen zeggen in deze tijd zeer terecht dat ze worden opgehokt in een lesbatterij met docenten voor de klas die te weinig weten.
Dit fenomeen is zelfs doorgedrongen tot onze meest krachtige bolwerken van kennis en wetenschap, de universiteiten zelf. Gelukkig zijn studenten daar mondiger en volwassener en hebben we hebben dan ook eindelijk weer eens een Maagdenhuisbezetting gehad. Het oorspronkelijke idee van Leonardo da Vinci voor de universiteit was: 'Uomo Universale', ontwikkel de hele mens. Dit idee staat totaal haaks op het ontstaan van specialismen en het denken in vakgebieden zoals dit nu in ons onderwijssysteem en op universiteiten gebeurt. Een specialisatie is vooral belangrijk voor leerlingen die niet zo veel kunnen. Hoe kan het zijn dat nu op alle niveaus in ons onderwijs idiote nieuwe specialismen en opleidingen zijn ontwikkeld? Willen we onze studenten soms dom houden? Waarom leggen we nu ons lot en onze wetenschap in handen van mensen die heel veel weten van heel weinig? Dat is een enorm risico. Om nieuwe kennis te ontwikkelen moet je juist heel veel kennis hebben van heel veel vakgebieden. Je moet er overheen en er doorheen en er onderdoor.
Ons onderwijssysteem is ziek en dat komt onder andere omdat we er geen geld aan wilden uitgeven. Maar er is nog een belangrijkere aanwijsbare oorzaak die we hier moeten vermelden. De angst dat het mis kan gaan. Het zijn tenslotte onze kinderen. We willen niets fout doen in het onderwijs, dus doen we alles fout, dan valt die ene fout (toegeven aan angst, risico mijden) niet meer op. Dus maken we onze opleidingen smaller en smaller tot niemand meer iets weet. Want uiteindelijk weten we vrijwel alles van niets of vrijwel niets van alles. Juist door ons zwaar geïndustrialiseerde onderwijssysteem is daarvan weinig kwaliteit meer te verwachten. Zelfs personeelszaken klaagt erover: diploma's zijn nietszeggende documenten geworden met nietszeggende titels.
We mogen dus maar wat blij zijn dat mensen 'eigenwijs' zijn en ook buiten het onderwijs leren door bij elkaar af te kijken of door elkaar bijvoorbeeld via Wikipedia en internet alles voor te zeggen.
'Een goed onderwijssysteem is gebaseerd op voorzeggen en afkijken'. Deze kennis heb ik van een oud collega bij de inspectie geleerd, Een gerenommeerde en wijze onderwijsinspecteur met veel ervaring in ons Nederlandse onderwijs. Mensen zijn kuddedieren, onze ouders en docenten en de wetenschap zeggen ons alles voor en als we het even niet meer weten kijken we gewoon bij elkaar de kunst af. Zo leren kinderen/leerlingen/studenten alles wat ze als professional moeten weten in het leven. Toch hebben we er een grote hekel aan. Op het internet heet het wel 'copy paste' en de dader heet al snel een 'copy cat'. Wie een film download is een dief. Waarom? Omdat kennis macht is en omdat de productie van kennis in onze moderne samenleving geld kost. Mensen willen eenvoudig niet worden gepasseerd. We omgeven alles wat we weten met hekken en prikkeldraad, met auteursrecht en merkenrecht. We hebben een hekel aan de talenten die ons in de ratrace links en rechts voorbijgaan. We zouden er trots op moeten zijn. We zouden ze het succes moeten gunnen. Maar goed, de zeven hoofdzonden van de mens hoef ik hier echt niet meer uit te leggen.
Nu de examens weer zijn begonnen en de Citoscores net binnen zijn ontstaat weer de jaarlijkse discussie over het monopolie van de Citogroep op dit gebied. Of zoals hierboven over het nakijkwerk door de docent daarna. We toetsen nog steeds ouderwets op papier en de examens komen uit een zorgvuldig bewaarde envelop. Ondertussen bestaan er al jarenlang veel betere en geavanceerdere methoden om te toetsen, waar zelfs geen mens meer aan te pas hoeft te komen. Met een computer kun je alles interactief en adaptief meten en vaststellen, nauwkeuriger en minder beïnvloedbaar. Je hoeft het niet eens zelf na te kijken. De computer doet de voorwas. Leerlingen hoeven daarvoor niet eens dezelfde toets te doen. Opgaven die ze niet kunnen maken hoeven ook niet aangeboden te worden. Je kunt leerlingen eenvoudig alleen toetsen met de opgaven die ze gemakkelijk en goed kunnen doen. Je hebt geen te moeilijke of te makkelijke opgaven nodig voor een goede toets. Toen ik onderwijskunde studeerde in Twente (1985) was dat al wereldwijd bekend en in de 11 jaren dat ik bij de Inspectie van het Onderwijs werkte zijn er ook vele (interne) discussies over gevoerd.
Waarom de werkelijkheid dan nog steeds zo is, vraag je je wel eens af. Een belangrijke verklaring ligt in de werking van de Nederlandse politiek. Uiteindelijk hield de Tweede Kamer de meeste vernieuwingen aan de poort tegen en verving ze door bezuinigingen. De Mammoetwet, De Middenschool. De basisschool. De basisvorming. Het VMBO. De doorstroomprofielen. De KBL, de BBL en de BOL. De leerwegen. De vernieuwingen die elkaar in hoog tempo opvolgden. Het ging volgens de Tweede Kamer telkens te snel en dus niet goed. Bovendien was alles te duur voor de belastingbetaler. En dus was er genoeg reden om op de rem te gaan staan met uiteindelijk een paar stevige monopolies en mammoet-machtsblokken in het onderwijs tot gevolg. Want naast Cito zijn er nog een paar zoals bijvoorbeeld de SLO, de PO raad, de VO raad, de MBO raad, de HO raad en de VSNU en de landelijke organen van het Beroepsonderwijs. Zij maakten de keuzen die de politiek niet zelf durfde te maken. En zij kiezen hoofdzakelijk voor zelfbehoud en behoud en nog eens behoud.
Onderwijsvernieuwing, er is veel goeds bedacht en er is verdacht weinig geïmplementeerd. Uiteindelijk heeft de vrijheid van onderwijs er het meest onder geleden, die is door het uitblijven van politieke maatregelen en keuzen tot een minimum beperkt. Eigenlijk is er geen vrijheid meer. De inspectie kan de kwaliteitsverschillen tussen scholen dan ook bijna niet meer ontdekken. Alles is in het onderwijs is zwaar geïndustrialiseerd en daardoor geheel verouderd, het klassikale systeem voert nog steeds de boventoon, onderwijzers doen hun werk met oogkleppen op en sjokken braaf achter hun manager aan. Het bestuur klaagt over de directie, de directie over het management en het management over de docenten. Gelukkig klaagt er niemand over ouders en leerlingen. Het onderwijs is vergeven van de kwaliteitsnormen en kwaliteitssystemen. Leerlingen zeggen in deze tijd zeer terecht dat ze worden opgehokt in een lesbatterij met docenten voor de klas die te weinig weten.
Dit fenomeen is zelfs doorgedrongen tot onze meest krachtige bolwerken van kennis en wetenschap, de universiteiten zelf. Gelukkig zijn studenten daar mondiger en volwassener en hebben we hebben dan ook eindelijk weer eens een Maagdenhuisbezetting gehad. Het oorspronkelijke idee van Leonardo da Vinci voor de universiteit was: 'Uomo Universale', ontwikkel de hele mens. Dit idee staat totaal haaks op het ontstaan van specialismen en het denken in vakgebieden zoals dit nu in ons onderwijssysteem en op universiteiten gebeurt. Een specialisatie is vooral belangrijk voor leerlingen die niet zo veel kunnen. Hoe kan het zijn dat nu op alle niveaus in ons onderwijs idiote nieuwe specialismen en opleidingen zijn ontwikkeld? Willen we onze studenten soms dom houden? Waarom leggen we nu ons lot en onze wetenschap in handen van mensen die heel veel weten van heel weinig? Dat is een enorm risico. Om nieuwe kennis te ontwikkelen moet je juist heel veel kennis hebben van heel veel vakgebieden. Je moet er overheen en er doorheen en er onderdoor.
Ons onderwijssysteem is ziek en dat komt onder andere omdat we er geen geld aan wilden uitgeven. Maar er is nog een belangrijkere aanwijsbare oorzaak die we hier moeten vermelden. De angst dat het mis kan gaan. Het zijn tenslotte onze kinderen. We willen niets fout doen in het onderwijs, dus doen we alles fout, dan valt die ene fout (toegeven aan angst, risico mijden) niet meer op. Dus maken we onze opleidingen smaller en smaller tot niemand meer iets weet. Want uiteindelijk weten we vrijwel alles van niets of vrijwel niets van alles. Juist door ons zwaar geïndustrialiseerde onderwijssysteem is daarvan weinig kwaliteit meer te verwachten. Zelfs personeelszaken klaagt erover: diploma's zijn nietszeggende documenten geworden met nietszeggende titels.
We mogen dus maar wat blij zijn dat mensen 'eigenwijs' zijn en ook buiten het onderwijs leren door bij elkaar af te kijken of door elkaar bijvoorbeeld via Wikipedia en internet alles voor te zeggen.
woensdag 29 april 2015
Echte banen bestaan niet
Wat is een 'echte baan'? Echte banen zijn volgens de FNV banen met genoeg zekerheid, waardering en een stabiel inkomen. De regering heeft besloten dat mensen die nu als arbeidsgehandicapte in een sociale werkplaats werken een echte baan moeten krijgen in het bedrijfsleven (100.000) of bij de overheid (25.000). In totaal gaat het om 125.000 nieuwe echte banen.
Is dit een realistisch idee? Ja. De huidige werkplaatsen zijn productiebedrijven. Naar deze productie is vraag, want de sociale werkplaatsen konden de producten goed verkopen aan afnemers. Als de sociale werkplaats stopt blijft het werk bestaan, zolang er vraag naar is. Als de subsidie op deze arbeid gelijk blijft zou je de productie kunnen verhuizen naar normale bedrijven en naar overheidsinstellingen.
Dat is echter niet de keuze die is gemaakt. De overheid heeft ervoor gekozen bedrijven zelf te laten bepalen hoe ze de banen gaan realiseren. Dit geeft de bedrijven meer flexibiliteit en vrijheid om oplossingen te zoeken voor de productie die wegvalt en wat daarvoor in de plaats komt. Het idee is dat bedrijven hierbij geen financiële kosten baten afweging maken, maar een maatschappelijke. Dat past goed bij maatschappelijk verantwoord ondernemen of sociale duurzaamheid.
Of het gaat lukken? Tja. Het zou kunnen. Moeilijk is het niet. Je betaalt iets meer voor arbeid door een arbeidsgehandicapte, maar met wat subsidie of belastingverlaging zou het mogelijk moeten zijn om competitief te kunnen blijven als bedrijf. Het zou helemaal goed kunnen gaan als de klant ook meedoet. Een keurmerk sociale duurzaamheid zou de klant kunnen uitlokken een duurder product te nemen om mensen met een arbeidshandicap te steunen.
Toch zie ik nu al rare gedachtesprongen bij bedrijven en gemeenten. Er zijn werkgevers genoeg die al arbeidsgehandicapten in dienst hadden en die nu hun arbeidsplekken willen gaan meetellen als 'echte banen'. Dan neemt het aantal echte banen voor arbeidsgehandicapten natuurlijkerwijs af. Je zou nu alle arbeidsgehandicapten in dienst van de sociale werkplaats een oormerk moeten geven om te kijken of ze allemaal aan werk kunnen komen. Als je de banen gaat oormerken, zijn het ineens ook geen 'echte banen' meer.
En dan nog even terug naar de kern. Bestaat de 'echte baan' wel? Wie een baan heeft met genoeg zekerheid, waardering en een stabiel inkomen mag het nu zeggen. Vaak ontbreekt het aan één of meer van de drie.
Als je ondernemer bent in het bedrijfsleven ontbreekt het aan een stabiel inkomen en moet je je zekerheid en waardering halen uit je klanten. Als je bij de overheid bent, ben je afhankelijk van wat de markt doet, omdat je daar je belasting vandaan haalt. Als je een baan hebt moet je je zekerheid en waardering halen uit je baas en je collega's en ben je voor stabiel inkomen afhankelijk van je aanspraak op een CAO. Als je geen 'echte baan' hebt, ben je voor je stabiele inkomen, je zekerheid en waardering afhankelijk van je partner en je gezin of van een uitkeringsverstrekker, zoals de overheid, een verzekeraar of een pensioenfonds.
Daar komt nog bij dat alleen mensen die zeker zijn van zichzelf en waardering halen uit zichzelf en op zichzelf durven te vertrouwen stabiliteit in hun leven en in hun werk hebben. Met een echte baan heeft dat feitelijk niets te maken. Het idee van 'echte banen' is een verzonnen illusie. Mensen willen onafhankelijk zijn, niet afhankelijk. Wie stabiel inkomen, zekerheid en waardering wil halen uit een echte baan, komt vroeg of laat bedrogen uit. Daarvoor is het leven en ons bestaan veel te onzeker en te grillig.
Ik gun iedereen een 'echte baan' en om dat te kunnen bereiken hebben we het idee nodig dat ieders inzet ertoe doet. Misschien is het daarom beter eerst een vast (basis)inkomen te geven en daarna te bedenken hoe we het werk gaan verdelen. Op die manier wordt het makkelijker om te zorgen dat iedereen ook waardering (als bonus) ontvangt voor zijn toegevoegde waarde (werk). Die zekerheid vraagt wel om een nieuwe economie en een andere manier van denken. Een manier van denken die niet gebaseerd is op schaarste aan geld, werk, grondstoffen of hulpstoffen, maar op overvloed.
Labels:
ACE Productions,
banen,
basisinkomen,
delen,
denken,
doen,
dromen,
Economie,
geld,
inkomen,
innovatie,
Joost van den Donk,
waardering,
werk,
zekerheid
Abonneren op:
Posts (Atom)